50 languages

Date:
Test Number:
Score:
Time spent on test:
Beginner:


01/17/2026
2
0
0:00 sec
Yes

Testen 2

Willekeurig
Ga naar testnummer:

0/10

Klik op een woord!
1.wij beidenми / обидві  
2.De vrouw houdt van sinaasappel- en grapefruitsap.Жінка любить помаранчевий сік грейпфрутовий сік.  
3.Wie maakt de ramen schoon? миє вікна?  
4.Ik wil graag naar het centrum van de stad. хотів би / хотіла б в центр міста.  
5.Hoe kom ik bij het station? дістатися на вокзал?  
6.Ik wil graag iets zonder vlees.Я хотів би / хотіла б щось м’яса.  
7.Wanneer begint de rondleiding? починається екскурсія?  
8.Neem je zonnebril mee.Візьми окуляри сонця.  
9.Waar is de juweliersafdeling?Де є ?  
10.Ik heb een ring en oorbellen nodig.Мені перстень і сережки.  
обидва
і
Хто
Я
Як
без
Коли
від
прикраси
потрібні