50 languages

Date:
Test Number:
Score:
Time spent on test:
Elementare:


12/27/2025
92
0
0:00 sec
Yes

Test 92

Random
Vai al numero del test:

0/10

Clicca una parola!
1.Io scrivo.Ik .  
2.La gente beve prosecco.De drinken champagne.  
3.I bambini puliscono le biciclette.De kinderen de fietsen schoon.  
4.Io propongo di vederci questo fine settimana.Ik stel voor dat we in weekend afspreken.  
5.trenta  
6.Quando atterriamo?Wanneer landen ?  
7.Si può prenotare una camera qui?Kun je hier hotel reserveren?  
8.Sta aspettando qualcuno? u op iemand?  
9.Ho bisogno di penne e pennarelli.Ik heb pennen en viltstiften .  
10.L’uomo ha il naso lungo.De man heeft een lange .  
schrijf
mensen
maken
het
dertig
we
een
Wacht
nodig
neus