TEST 50: čeština - nizozemština

Drag the word to the blank!
alleen - als - band - deur - doel - idee - kapot - menselijk - omarmen - onder - rechts - slechtgehumeurd - trambaan - vegetarische - verwijderd -

1. čelní sklo mého auta je rozbité. > Mijn voorruit is .
2. já na vašem místě > in uw plaats / ik u was
3. mít špatnou náladu > zijn
4. Jak daleko od pláže je / leží hotel? > Hoe ver is het hotel van het strand ?
5. samojediný > enkel en
6. obejmout > / in de armen sluiten
7. Je možné si objednat vegetariánské jídlo? > Is het mogelijk om maaltijden te krijgen?
8. legrační nápad > een grappig
9. lidské tělo > het lichaam
10. minout cíl > het missen
11. klepat na dveře > aan de kloppen
12. pod jednou podmínkou > één voorwaarde
13. Podívej se napravo! > Kijk naar !
14. Potřebuji novou pneumatiku. > Ik heb een nieuwe nodig.
15. Držte se tramvajových kolejí. > Volgt u de .

Copyright © 1997-2012 by Goethe-Verlag GmbH München, Germany
All rights reserved. See our LICENSE AGREEMENT
FREE for private use, public schools and for non-commercial purposes only!