TEST 14: čeština - nizozemština

Drag the word to the blank!
ademhalen - briefje - goed - hout - knappe - kopen - loon - neus - nieuwste - nummer - staat - tent - transportkosten - van - zenuwen -

1. V příloze Vám zasíláme náš nový katalog. > Als bijlage zenden wij u onze catalogus.
2. štípat dříví > hakken
3. Děkujeme za Vaši objednávku ze dne ... . > Wij danken u voor uw bestelling ... .
4. Můžete mne spojit s tímto číslem? > Kunt u me doorverbinden met dit ?
5. Náklady na dopravu nejsou v nabídce uvedeny. > De zijn niet bij de aanbieding inbegrepen.
6. jít někomu na nervy > iemand op de werken
7. být všeho schopen / je všehoschopný > tot alles in
8. napište pár řádek > schrijft u eens een / schrijft u toch een paar regels
9. zasloužit si / dostat poprávu > zijn verdiende
10. je to (chytrá) hlava / je hlava otevřená > hij is een kop
11. tento oblek padne / sedí dobře > dit pak zit
12. zhluboka se nadechnout > diep
13. Mohu zaparkovat auto vedle stanu? > Mag ik de auto naast de zetten?
14. rovnou za nosem > je steeds maar achterna / steeds maar rechtuit
15. označit si jízdenku > een tramkaartje / treinkaartje / nemen

Copyright © 1997-2012 by Goethe-Verlag GmbH München, Germany
All rights reserved. See our LICENSE AGREEMENT
FREE for private use, public schools and for non-commercial purposes only!