TEST 56: čeština - nizozemština

Drag the word to the blank!
alsjeblieft - bijzonders - brood - even - familie - gereserveerd - gewond - halen - helemaal - houden - kiespijn - over - overhemd - zal - zijn -

1. Přijďte za dva dny! > Komt u twee dagen terug!
2. Mám rezervovaný pokoj. > Ik heb een kamer .
3. mít bolesti zubů > hebben
4. zcela nic / vůbec nic > niets
5. nic zvláštního > niets
6. poslat pro doktora / lékaře > de dokter
7. kousek / krajíček chleba > een stuk
8. držet v ruce > in de hand
9. Propadl u zkoušky. > Hij is gezakt voor examen.
10. Prosím, vyžehli si tu košili. > Strijk je overhemd.
11. Prosím, vyžehli si tu košili. > Strijk alsjeblieft je .
12. Jste zraněn? > Bent u ?
13. stará se o rodinu > hij zorgt voor de
14. stejně starý > oud
15. Bude tam na nás čekat. > Hij daar op ons wachten.

Copyright © 1997-2012 by Goethe-Verlag GmbH München, Germany
All rights reserved. See our LICENSE AGREEMENT
FREE for private use, public schools and for non-commercial purposes only!