TEST 60: Nederlands - Deens

Drag the word to the blank!
alle - blodtype - diæt - dårligt - forsøge - gør - hunden - lære - med - ryger - selv - skaffe - tilbyde - under - vinduesvisker -

1. de hond kwispelt met zijn staart > logrer med halen
2. te koop aanbieden > til salg
3. Welke bloedgroep hebt u? > Hvilken har De / du?
4. een ziekte oplopen > sig en sygdom på halsen
5. hij is slecht gestemd / hij is in een slecht humeur > han er i humør
6. Zij is voortdurend op dieet. / Zij is constant op dieet. > Hun er hele tiden / altid på .
7. Hij zal zijn uiterste best doen. > Han vil at gøre sit bedste.
8. Mijn voorruit is kapot. > Mine er i stykker.
9. Wilt u hier tekenen? > Vil De / du skrive her?
10. uit het hoofd leren > udenad
11. Dit is een coupé voor niet-rokers. > Det er en ikke- kupé.
12. Ik heb hier pijn. / Hier heb ik pijn. > Det ondt her.
13. Ik wil graag een verklaring afleggen. > Jeg vil gerne komme en erklæring.
14. voor eens en altijd / definitief > en gang for
15. Is het mogelijk om zelf te koken? > Er der mulighed for at lave mad?

Copyright © 1997-2012 by Goethe-Verlag GmbH München, Germany
All rights reserved. See our LICENSE AGREEMENT
FREE for private use, public schools and for non-commercial purposes only!