TEST 6: Nederlands - Deens

Drag the word to the blank!
Betale - Hvad - andet - benzin - datter - fryser - gerne - hilse - kirke - køre - måneder - ondt - samme - tålmodighed - uret -

1. naar de kerk gaan > gå i
2. dat is een andere vraag > det er et sprørgsmål
3. Wat kost dat boek? > koster bogen?
4. de hartelijke groeten doen > bede én
5. De rekening graag! > !
6. een beetje geduld > lidt
7. met de auto gaan > med bil
8. het horloge loopt goed / het horloge loopt gelijk > passer
9. het spijt me dat > det gør mig , at
10. hij is van mijn leeftijd > han er på alder som mig
11. Ik heb geen benzine meer. > Min bil er løbet tør for .
12. ik heb het koud > jeg / jeg har det koldt
13. Ik weet niet of zij een zoon of een dochter heeft. > Jeg ved ikke, om hun har en søn eller en .
14. Ik wil graag salade met een dressing van olie en citroen. > Jeg vil have en salat tilberedt med olie og citron.
15. In drie maanden moet u het land weer verlaten. > De skal rejse ud om igen 3 .

Copyright © 1997-2012 by Goethe-Verlag GmbH München, Germany
All rights reserved. See our LICENSE AGREEMENT
FREE for private use, public schools and for non-commercial purposes only!