Ask for a discount!

Language schools: Get 7% off!
LISA! Kostenlosen
Sprachreisen-
Katalog
anfordern

TEST 80: français - néerlandais
Vandaag - akkoord - avond - bed - bioscoopje - doen - gebeurd - hele - honderd - jaar - krant - motorrijden - oud - personen - precies -

1. J’aimerais sortir avec vous un soir. > Ik zou U graag een willen uitnodigen om ergens heen te gaan.
2. II y a cent ans dans un siècle. / Un siècle équivaut à cent ans. > Er zijn jaren in een eeuw.
3. faire de la moto >
4. sauter du lit > uit springen
5. le monde entier > de wereld
6. être d’accord > het eens zijn / gaan
7. lire le journal > de lezen
8. Il n’a que sept ans. > hij is pas zeven
9. aller au cinéma > naar de bioscoop gaan / een pikken
10. Une table pour ... personnes, s’il vous plaît. > Een tafel voor ... graag.
11. Nous sommes du même âge. / Nous avons le même âge. > wij zijn even
12. transmettre des amitiés / transmettre le bonjour / passer le bonjour > de hartelijke groeten
13. Qu’est-ce qui s’est passé ? > Wat is er ?
14. Aujourd’hui, je vais au marché. > ga ik naar de markt.
15. juste une livre / une livre très exactement > een pond
Copyright © 1997-2008 by Goethe-Verlag GmbH * Postfach 15 20 08 * D-80051 München, Germany
All rights reserved. Fax +49-89-74790012
Please support this language project by using our link to shop at Amazon: