Ask for a discount!

Language schools: Get 7% off!
LISA! Kostenlosen
Sprachreisen-
Katalog
anfordern

TEST 13: français - néerlandais
Gisteravond - eenrichtingsverkeer - groot - kilometer - komt - naam - noorden - oktober - ongeluk - pagina - postzegels - snel - twijfel - vanmorgen - waarheid -

1. début octobre / au début du mois d’octobre > begin
2. C’est une rue à sens unique. / Cette rue est à sens unique. > Dit is een straat met .
3. sans aucun doute > zonder
4. je m’appelle ... > mijn is ...
5. ce matin > vanochtend /
6. le plus tôt possible / dès que possible > zo mogelijk
7. Cet après-midi / Cette après-midi. Hier soir. > Vanmiddag. .
8. dire la vérité > de spreken
9. Il a grandi. > hij is geworden / hij is gegroeid
10. il arrive que > het gebeurt wel eens dat / het wel eens voor dat
11. un accident grave > een ernstig
12. collectionner les timbres-poste / collectionner les timbres > verzamelen
13. Nous en sommes à la page 5. > wij zijn op vijf / wij zijn op bladzijde vijf
14. au nord de > ten van
15. Suivez la route sur environ un kilomètre. > Rijdt u ongeveer een door.
Copyright © 1997-2008 by Goethe-Verlag GmbH * Postfach 15 20 08 * D-80051 München, Germany
All rights reserved. Fax +49-89-74790012
Please support this language project by using our link to shop at Amazon: