TEST 94: dansk - nederlandsk

Drag the word to the blank!
Hartelijk - been - brand - contant - daarboven - gehoord - hardgekookt - herhalen - kaarten - kwart - minuten - trein - twee - vertalen - wordt -

1. Jeg har hørt så meget om dig. > Ik heb zo veel over U .
2. Jeg har ikke nok kontanter. > Ik heb niet genoeg geld.
3. Den er fem minutter over et. > Het is vijf over één.
4. deroppe >
5. det bliver lyst > het licht / de dag breekt aan
6. Vil De / du være venlig at gentage? > Kunt u dat herhalen. / Wilt u dat .
7. Klokken er kvarter i seks. > Het is voor zes.
8. Kom igen om to dage! > Komt u over dagen terug!
9. spille kort >
10. brække sine ben > een breken
11. et hårdkogt æg > een ei
12. huset brænder > het huis staat in
13. Tusind tak for alt. > bedankt voor alles.
14. oversætte til tysk > in het Duits
15. Hvilken perron går toget fra? > Van welk perron vertrekt de ?

Copyright © 1997-2012 by Goethe-Verlag GmbH München, Germany
All rights reserved. See our LICENSE AGREEMENT
FREE for private use, public schools and for non-commercial purposes only!