81  [ eenentachtig ]

Verleden tijd 1
81  [ 八十一 ]

过去时 1
 
 
schrijven
写字,书写
Hij schreef een brief.
他写了一封信。
En zij schreef een kaart.
她写了一个明信片。
 
 
lezen
demo version
Hij las een tijdschrift.
demo version
demo version
demo version
 
 
nemen
demo version
Hij nam een sigaret.
demo version
demo version
demo version
 
 
Hij was ontrouw, maar zij was trouw.
demo version
Hij was lui, maar zij was ijverig.
demo version
demo version
demo version
 
 
Hij had geen geld, maar schulden.
demo version
Hij had geen geluk, maar pech.
demo version
demo version
demo version
 
 
Hij was niet tevreden, maar ontevreden.
demo version
Hij was niet gelukkig, maar ongelukkig.
demo version
demo version
demo version
 
 
Downloads are FREE for private use, public schools and for non-commercial purposes only! See our LICENCE AGREEMENT.
© Copyright 2007-2008 Goethe-Verlag München und Lizenzgeber. All rights reserved. Alle Rechte vorbehalten.